Overdenking 6 november

In de christelijke gemeenschap hangt alles af van ieder individu als onmisbare schakel.

Overdenking 6 november
Zo zijn wij, hoewel velen, één lichaam in Christus, maar ieder afzonderlijk leden van elkaar (Rom 12:5)

De fysieke- en ook sociale afstand die ons zijn opgelegd vanwege de pandemie heeft als direct gevolg een toenemend gevoel van onbehagen, eenzaamheid bij mensen en soms grote financiële problemen. Het dagblad Trouw plaatste een comic waarin duidelijk werd hoe moeilijk het is voor de centrale overheid om de bevolking te motiveren. In alle gelederen zijn er immers meningen variërend van: 'een samenzwering tegen de vrijheid', tot mensen die zich compleet isoleren uit angst voor besmetting en alles er tussenin.

Die opvattingen komen ook voor onder gelovigen en ondanks hun deel zijn van een geloofsgemeenschap wordt ook daar het gevoel van ongenoegen en isolatie ervaren. Deze week werd ik benaderd door een oude bekende die zijn ongenoegen uitte over het beleid van de PKN-gemeente waar hij deel van is. Kennelijk dacht hij dat ik als deel van wat hij noemde 'vrije groepen' het wel met hem eens zou zijn. Het valt mij op hoe gemakkelijk in zo’n situatie de kerk als gemeenschap wordt verward met de kerk als instituut. Natuurlijk betreft het in beide gevallen de kerk van Jezus Christus onze Heer, en streven we allen na om Hem na te volgen. Maar er is een groot verschil tussen het instituut en de gemeenschap. De kerk als instituut handelt op basis van haar tradities en structuren, terwijl de basis voor de kerk als gemeenschap, onderlinge zorg en verantwoordelijkheid is, hetgeen wordt ondersteund door wederzijdse relaties. In de gemeenschap heeft ieder lid een belangrijke rol.

Zo is er een sterke dynamiek alsook een grote kwetsbaarheid in de kerk. En het lijkt erop dat In tijden van stress we de neiging hebben te kiezen voor de kerk als instituut in plaats van de gemeenschap. Terwijl de waarde van de kerk als gemeenschap juist is dat, dat iedere persoon daarin een plaats heeft, hij of zij kan groeien in het gebruiken van zijn of haar specifieke gaven, talenten en kwaliteiten, in het bemoedigen, ondersteunen, helpen en bidden voor anderen. En daarin kunnen en mogen we ons niet verschuilen achter het instituut.

Immers groeit een gemeenschap niet uit liefde voor de instelling, maar in liefde die we hebben voor elkaar en naar onze omgeving. In de christelijke gemeenschap hangt alles af van ieder individu als een onmisbare schakel in de keten. Dat geldt trouwens ook voor alle burgers van onze natie.

Hartelijke groet Arie en Ans

06-11-2020

Zie ook

Vernieuwd Rafaëlnieuws
06-11-2020
Geboren!
25-10-2020
Artikel over Rafaël in het AD
20-10-2020